Uw medicijn in het kort
- Helpt bij het stoppen met roken.
- Meestal twaalf weken gebruiken.
- Stel de datum voor het stoppen met roken vast, deze datum is meestal één tot twee weken na starten met het medicijn.
- De dosering wordt de eerste week langzaam opgebouwd. Na één week zit u op de onderhoudsdosering.
- Bijwerkingen, zoals misselijkheid, gaan meestal na twee weken over.
- Dit medicijn kan van invloed zijn op uw rijvaardigheid. Wilt u meer informatie? Kijk op www.rijveiligmetmedicijnen.nl of vraag uw apotheker om advies.
Werking
Hoe helpt het medicijn?
Stoppen met roken is niet gemakkelijk. Nadat u gestopt bent zult u nog lang zin hebben om weer te gaan roken. Dit medicijn kan u helpen bij het stoppen. Als u stopt met roken dan kunt u ontwenningsverschijnselen krijgen. U kunt snel geïrriteerd (boos) zijn en u kunt zich misschien minder goed concentreren. Sommige mensen voelen zich minder rustig, hebben meer honger en hoofdpijn. U kunt het ook koud hebben, last van uw maag en darmen hebben en minder goed slapen. Door dit medicijn heeft u minder zin om te roken en heeft u minder last van ontwenningsverschijnselen.
Gebruik
Hoe lang moet u het medicijn gebruiken?
Dit medicijn kan worden gebruikt als hulpmiddel bij het stoppen met roken. Het wordt meestal voor een periode van twaalf weken gebruikt. Heeft u al meerdere keren geprobeerd te stoppen met roken en is de kans dat u weer gaat beginnen heel groot? Soms zal uw dokter dan adviseren dit medicijn 24 weken te gebruiken. Aan het eind van de periode gaat u steeds iets minder van het medicijn gebruiken, totdat u helemaal geen medicijn meer hoeft te gebruiken.
Wanneer merkt u dat het medicijn helpt?
U merkt dat dit medicijn werkt, doordat de behoefte aan nicotine vermindert. Op het moment dat u daadwerkelijk stopt met roken is het verlangen naar nicotine al verminderd. U zult merken dat het opsteken van een sigaret dan minder voldoening geeft.
Hoe gebruikt u het medicijn?
U start met dit medicijn als u nog rookt. Op het moment dat u begint met de tabletten stelt u een datum vast om te stoppen met roken. Deze stopdatum is meestal in de tweede week na de eerste inname van de tablet. Kunt u geen stopdatum kiezen binnen twee weken na de eerste inname? Kies dan een stopdatum binnen vijf weken na het starten van de behandeling. U begint de eerste drie dagen met één witte tablet per dag. Na drie dagen neemt u twee maal per dag een witte tablet in. Na één week (vanaf inname eerste tablet) gaat u verder met twee maal per dag één blauwe tablet. Deze tabletten blijft u gebruiken tot het einde van de behandeling.
Medicijn vergeten?
Het is belangrijk dat u dit medicijn op tijd inneemt. Bent u toch vergeten een tablet in te nemen? Lees dan in de bijsluiter of op www.apotheek.nl wat u moet doen.
Hoe moet u dit medicijn bewaren?
Bewaar het medicijn op kamertemperatuur in de originele verpakking.
Bijwerkingen
Wat kunt u nog meer voelen als u dit medicijn gebruikt (bijwerkingen)?
De meeste medicijnen kunnen onbedoelde klachten geven. We noemen dit bijwerkingen. Als u dit medicijn gebruikt dan kunt u last krijgen van misselijkheid, slapeloosheid, hoofdpijn en abnormale dromen. Deze bijwerkingen gaan meestal na twee weken over. Is dit niet het geval of heeft u veel last van andere bijwerkingen? Bel dan uw dokter. Dit medicijn kan van invloed zijn op uw rijvaardigheid. Kijk voor meer informatie op: www.rijveiligmetmedicijnen.nl of vraag uw apotheker om advies. Wettelijk bent u aansprakelijk als u onder invloed bent van medicijnen die de rijvaardigheid beïnvloeden. U kunt dit vergelijken met alcoholgebruik in het verkeer.
Uw medicijn in het verkeer
VD-58 / cat. I
Dit medicijn kan uw rijvaardigheid beïnvloeden. Wettelijk bent u aansprakelijk als u onder invloed bent van medicijnen die de rijvaardigheid beïnvloeden. U kunt dit vergelijken met alcoholgebruik in het verkeer.
Het advies voor dit medicijn:
De bijwerkingen van dit medicijn kunnen uw rijvaardigheid verminderen. Deze bijwerkingen zijn bijvoorbeeld: slapeloosheid, moeheid, duizeligheid en slaperigheid, wazig zien, rusteloosheid en coördinatiestoornissen. Beoordeel zelf hoeveel last u van deze bijwerkingen heeft.
Rijd geen auto als u last heeft van deze bijwerkingen.
Tips voor als u denkt dat u weer kunt autorijden:
• Vraag iemand om de eerste keer naast u te zitten en uw rijvaardigheid te beoordelen.
• Voor uzelf is het vaak moeilijk te zien of u minder goed rijdt. Deze persoon kan dan zien of u met wisselende snelheden rijdt, slingert of geïrriteerd reageert op normaal gedrag van medeweggebruikers.
• Rijd niet als u onscherp ziet.
• Rijd niet als u slaperig, nerveus, angstig of duizelig bent, moeite heeft u te concentreren of wakker te blijven.
• Rijd niet als u alcohol heeft gebruikt. Alcohol versterkt de versuffende bijwerking van dit medicijn in belangrijke mate.
• Rijd niet langer dan een uur achter elkaar, ook al voelt u zich goed.
• Rijd niet ’s nachts of bij slecht weer.
• Rijd geen auto als u dit medicijn gebruikt in combinatie met andere medicijnen die uw rijvaardigheid kunnen beïnvloeden.